Uit een recent onderzoek van UDIAS, de Unie van de Leveranciers voor de Laboratoriumsector, blijkt dat personeel in wetenschappelijke analytische sectoren uiterst tevreden is met hun job. Zowel qua verloning, jobinhoud, opleiding en carrièrebegeleiding scoren werkgevers uit de wetenschappelijke sector bijzonder goed. De ondervraagde bedrijven kennen bijgevolg weinig of geen verloop aan personeel en bieden bovenal stabiliteit, zelfs in een periode van recessie. Nochtans klaagt de chemische en life sciences industrie
[1] in het algemeen over een schrijnend tekort aan instroom van nieuwe, jongere werknemers. Een probleem dat al meer dan 5 jaar voelbaar is en waardoor de kwaliteit van controle en meting in België in het gedrang kan komen.
Dit blijkt uit een studie van UDIAS, de Unie van de Leveranciers voor de Laboratoriumsector, uitgevoerd in september bij meer dan 500 laboratoriumverantwoordelijken, HR managers en eigen leden uit diverse sectoren als chemie, petrochemie, farmacie, milieu, biotechnologie enz.
Uit onderzoek van de sectororganisatie UDIAS blijkt dat de gemiddelde werknemer uit de wetenschappelijke sector erg tevreden is met zijn job. Een goede 43% van de ondervraagde HR- en laboratoriumverantwoordelijken bevestigt dat het wetenschappelijke personeel een gemiddelde anciënniteit bereikt tussen de 5 à 10 jaar. Voor 38% van de ondernemingen is dat zelfs meer dan 10 jaar. Daarnaast blijkt het personeelsverloop erg laag; een overgrote meerderheid (52%) bevestigt een veel lager verloop te kennen dan in andere vergelijkbare sectoren. Opvallend is dat deze bedrijven geen expertise aan het buitenland dreigen te verliezen, want 62% ontkent last te hebben van de zogenaamde braindrain.
Een hoge anciënniteit en een laag verloop kunnen wellicht gedeeltelijk te maken hebben met de hoge graad van specialisatie en expertise die werknemers ontwikkelen in de loop van hun professioneel leven.
Salaris en carrièreplanning
De salarissen voor wetenschappelijk personeel zijn het laatste jaar weinig of niet veranderd. Slechts 19% van de werkgevers kende een salarisverhoging toe. Extralegale voordelen zoals een bonusplan, bedrijfswagen, gsm en/of laptop blijken duidelijk geen gebruikelijke tools. Opvallend is ook dat weinig beroep wordt gedaan op de fiscale voordelen van niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen (6%).
Waar wel veel aandacht naar uitgaat, is carrièreplanning en bijkomende opleidingen. De gemiddelde werknemer uit deze sector blijkt minder behoefte te hebben aan materiële middelen, maar is wel duidelijk vragende partij om eigen kennis verder uit te bouwen en zijn/haar job meer inhoud te geven. Bijkomende opleidingen, training en coaching worden met 48,4% van de respondenten als normaal beschouwd terwijl het jaarlijkse evaluatiemoment door 30% als onmisbaar wordt ervaren.
|
Salaris & Carrièreplanning
|
|
|
Opleiding
|
32,5%
|
|
Jaarlijkse evaluatie
|
30,2%
|
|
Coaching
|
15,9%
|
|
Geen specifieke planning voorzien
|
11,9%
|
|
Uitwisseling (dochteronderneming/zusterbedrijf)
|
4,8%
|
|
Uitwisseling buitenland
|
4,8%
|
De Stap van Opleiding naar Arbeidsmarkt
Het diploma “Professionele Bachelor/graduaat” blijkt erg in trek bij HR-managers uit de wetenschappelijke analytische sector. 33% van de ondervraagden wijst op een duidelijke vraag naar jonge afgestudeerden met een evenwichtige bagage van theoretische en praktische kennis. Meer dan 50% kiest voor afgestudeerde jongeren afkomstig van de diverse universiteiten en hogescholen. Hierbij moet wel rekening gehouden worden met het feit dat er, algemeen gezien, meer vacatures openstaan voor jongeren met een meer praktische opleiding dan voor deze met een theoretische/academische basis.
De ondervraagde Belgische HR-managers en laboverantwoordelijken zijn over het algemeen erg tevreden met het niveau van de schoolopleidingen. Uit 59% van de antwoorden blijkt dat de opleiding van de kandidaten, voor wat betreft de theoretische kennis, voldoet aan de behoeften. Voor de praktische opleidingservaring is 37% goed tot zeer goed en 50% matig. Ook voor wat betreft de onmiddellijke inzetbaarheid van de nieuwe rekruten bewijzen 50% (goed) en 33% (matig) dat het Belgische opleidingssysteem voldoet aan de verwachtingen van de markt.
Teamwork
Het onderzoek wees tevens uit dat bedrijven uit de UDIAS-sectoren veruit de voorkeur geven aan jongeren met aanleg om in teamverband te werken. Met 24% scoort “teamwork” als nummer één op het verlanglijstje van de meest gewaardeerde skills of vaardigheden. Opmerkelijk is dat “kennis van analysetechnieken” en “relevante en aanverwante ervaring” pas op nummer twee en drie komen. Voor wetenschappelijk onderzoek, labo- en analyseberoepen blijkt het kunnen functioneren in een team een absolute prioriteit.
|
Meest waardevolle skills of vaardigheden
|
|
|
Teamwork
|
24,1%
|
|
Kennis van analysetechnieken
|
21,4%
|
|
Relevante ervaring voor het labo waarin ze actief zijn (QC, R&D, productie,…)
|
16,0%
|
|
Kennis van verschillende talen (NL/FR/EN/DU)
|
12,3%
|
|
Opgedane ervaring & anciënniteit
|
11,8%
|
|
Commerciële en communicatiebekwaamheden
|
7,5%
|
|
Andere
|
4,3%
|
|
Potentiële management skills
|
2,7%
|
Vacatures
Bedrijven uit de wetenschappelijke analytische sector hebben vandaag gemiddeld 1 à 3 maanden nodig om geschikt personeel te vinden voor de openstaande vacatures.
Voor bijna 1 op 5 van de ondervraagde bedrijven (16%) is dat ongeveer een half jaar. De meeste HR managers rekenen daarvoor op de steun van een gespecialiseerd rekruteringskantoor terwijl de gespecialiseerde jobsites van het internet het tweede belangrijkste kanaal blijkt te zijn. Opvallend is wel dat advertenties in geschreven media, opendeurdagen en bedrijfswebsites veel minder succes boeken.
Ook de rechtstreekse contacten tussen bedrijven en de diverse onderwijsinstellingen blijven met amper 7,6% ondermaats. Hieruit kunnen we afleiden dat het professoraal personeeleen wetenschappelijke opleiding aanbiedt die nauw aansluit op de vraag van de werkgevers, maar dat er bij de specifieke diensten binnen onze onderwijsinstellingen, zij die zich bezig houden met de begeleiding van de afgestudeerden, nog ruimte tot verbetering is.
Een opvallend detail uit de studie wijst aan dat eindwerken voorgelegd bij het afstuderen, voor 46% “weinig bepalend” zijn voor het vinden van een job; voor 30,8% van de HR-managers was dat zelfs “helemaal niet bepalend”.
Instroom nieuwe medewerkers
Uit de UDIAS-studie blijkt dat de wetenschappelijke analytische sector nood heeft aan nieuwe medewerkers. 22% van de ondervraagde HR-managers en laboverantwoordelijken bevestigen opnieuw aanwervingen te voorzien dit jaar tegenover 69% van de bedrijven uit de sector die geen wijzigingen plannen (wat nog beter scoort dan het gemiddelde aantal nieuwe vacatures over alle sectoren heen). Reden voor deze nieuwe aanwervingen blijkt een voorziene bedrijfsgroei (44%) en de noodzaak om in goede medewerkers te investeren.
Willy Stelzer, directeur UDIAS legt uit: “De wetenschappelijke analytische sector kampt al meer dan 5 jaar met een gebrek aan instroom van nieuwe medewerkers. Gelijkaardige studies1 rond onze sector wijzen vooral op het gebrek aan jong talent. Bedrijven hebben vandaag veel meer oudere dan jongere medewerkers in dienst en het aandeel min 30-jarigen neemt gestadig af. Zo verminderde het aandeel jongere werknemers tussen 2000 en 2007 met 26%, een dramatische evolutie die de toekomst van wetenschappelijke en analytische beroepen in België op lange termijn in gevaar kan brengen.”
“UDIAS wenst dan ook een oproep te doen naar alle belanghebbende partijen zoals de overheid en de diverse opleidingsinstellingen om actief wetenschappelijke studierichtingen te promoten zodat we onze bestaande expertise - die op internationaal niveau erg gewaardeerd wordt - naar de toekomst toe verder kunnen uitbouwen en verstevigen”